Van piepers en papieren dossiers tot e-consults en digitale patiëntportalen. In 35 jaar tijd veranderde de zorgwereld enorm. Chirurg Richard maakte die ontwikkeling van dichtbij mee. “Als je erover nadenkt, is het eigenlijk ongelooflijk hoeveel er veranderd is.”
Toen Richard in de jaren tachtig geneeskunde studeerde, zag het ziekenhuis er totaal anders uit dan nu. Geen mobiele telefoons, geen digitale dossiers en geen snelle appjes tussen collega’s. “Als je dienst had, liep je met een semafoon,” vertelt hij. “Daar verscheen een telefoonnummer op dat je moest bellen. Maar als je buiten liep, moest je eerst op zoek naar een vaste telefoonlijn. Dat is nu bijna niet meer voor te stellen.”
Ook in het ziekenhuis duurde het nog lang voordat mobiele communicatie echt zijn intrede deed. “We hebben hier nog jarenlang met piepers gewerkt voordat dect-telefoons kwamen. Dat was echt een enorme verbetering.”
Alles ging via papier
Niet alleen de communicatie verliep anders, ook het patiënten dossier zag er compleet anders uit. “Tot 2016 werkten we hier nog met papieren dossiers,” vertelt Richard. “Dat klinkt nu bijna onwerkelijk.” Papieren dossiers hadden volgens hem één groot voordeel: ze konden niet uitvallen. Maar er zat ook een flinke keerzijde aan. “Ze raakten soms kwijt.” Dat leverde regelmatig bijzondere situaties op. “Er was een internist die stapels dossiers in zijn kamer had liggen. Als er een patiënt op de Spoedeisende Hulp kwam, gingen medewerkers standaard ook daar zoeken.”
In de jaren voordat het ziekenhuis volledig digitaal werkte, ontstond een soort tussenvorm. “Uitslagen en foto’s konden we al digitaal bekijken, maar verslaglegging en orders gingen nog met papier en pen.”
Ook brieven aan huisartsen werden anders gemaakt dan nu. “Die dicteerden we of typten we zelf. Voorlopige ontslagbrieven werden soms zelfs met de hand geschreven.”
Van alleskunner naar superspecialist
Ook de inhoud van het vak veranderde enorm. “Toen ik begon, deed iedere chirurg eigenlijk alles,” vertelt Richard. “Trauma, vaatchirurgie, oncologie, kinderchirurgie, mammachirurgie… we deden het allemaal door elkaar.” Nu is dat compleet anders georganiseerd. “We werken veel gespecialiseerder. Dat heeft voordelen en nadelen. Het pallet is smaller geworden, maar tegelijkertijd gaan we veel meer de diepte in.” Voor Richard zelf veranderde vooral de vaatchirurgie enorm. “Vroeger waren de mogelijkheden beperkter. Nu kunnen we veel meer behandelingen combineren en ook zelf endovasculaire ingrepen uitvoeren. Daardoor kunnen we mensen langer helpen hun ledematen te behouden en hoeven we minder vaak te amputeren.”
Meer tijd voor de patiënt
Niet alleen de techniek veranderde, ook patiënten zelf zijn volgens Richard veranderd. “Vroeger zag ik als chirurg soms 60 tot 70 patiënten op een dag. Alles liep door elkaar heen.” Tegenwoordig ziet hij als vaatchirurg minder patiënten op een poli, maar neemt hij juist meer tijd per persoon.
“Mensen willen meer uitleg en zijn veel meer betrokken bij beslissingen over hun behandeling. We bespreken risico’s, kansen en complicaties veel uitgebreider dan vroeger.” Dat vindt hij een goede ontwikkeling. “We nemen patiënten nu echt mee in het proces. Samen beslissen is veel belangrijker geworden.”
Tegelijkertijd merkt hij ook verschil in hoe patiënten naar zorg kijken. “Vroeger kwamen mensen vaker met een kleine attentie als ze tevreden waren. Tegenwoordig vinden mensen goede zorg veel vanzelfsprekender.”
De voordelen en nadelen van digitalisering
De laatste jaren kwamen daar ook e-consults, patiëntportalen en digitale communicatie bij. “Voor veel patiënten is dat ontzettend handig,” zegt Richard. “Het scheelt reistijd en maakt het makkelijker om even een vraag te stellen.”
Toch ziet hij ook een nadeel. “Als arts heb je een klinische blik nodig. Soms zie je aan één blik al hoe ziek iemand is. Dat merk je minder goed via digitale middelen.” Juist het persoonlijke contact blijft volgens hem belangrijk. “Je ziet hoe iemand binnenkomt, hoe iemand praat of beweegt. Dat zegt soms meer dan woorden.”
Minder hiërarchie, meer samenwerken
Ook de cultuur in het ziekenhuis veranderde sterk. “Vroeger was de hiërarchie groter. Artsen stonden meer op een voetstuk.” Nu ervaart Richard veel meer samenwerking. “Op de SEH en de OK werk je echt als team. Iedereen levert input en die inbreng wordt ook gewaardeerd.” Dat is volgens hem één van de mooiste ontwikkelingen van de afgelopen jaren. “De sfeer in het IJsselland Ziekenhuis is heel goed. Ondanks alle veranderingen voelt het nog steeds als een ziekenhuis waar mensen elkaar kennen en samenwerken.”
Iedere dag met plezier
Inmiddels werken er veel meer medisch specialisten dan toen Richard in 2000 in het IJsselland Ziekenhuis begon. “Toen hadden we er ongeveer 65, nu zijn dat er ruim 150.” Toch bleef volgens hem de kern hetzelfde. “De zorg verandert continu. Technologie ontwikkelt zich razendsnel en patiënten worden mondiger. Maar uiteindelijk draait het nog steeds om goede zorg leveren voor mensen.” En juist dat maakt het vak nog steeds bijzonder. “Er is ongelooflijk veel veranderd, maar ik ga nog iedere dag met plezier naar mijn werk.”